Catch of the day
1 februari 2019

Achterdocht & wantrouwen



Ruim een jaar geleden, bij de start van 2018, bekroop mij het gevoel dat we het vertrouwen een beetje in elkaar kwijt begonnen te raken. Aan het eind van het jaar refereerde ik er ook weer aan in mijn blog. Het op elk gebied om zich heen grijpend wantrouwen dat de mens en de wereld steeds meer in zijn greep krijgt. De eerste maand van het nieuwe jaar lijkt nog absoluut geen ander beeld te geven. Vanwaar toch zoveel achterdocht, wantrouwen ten opzichte van elkaar en van elkaar’s deskundigheid en de goede bedoelingen van een ieder?

Eerst zien dan geloven

Een kleine 6 jaar geleden werd onze eerste “Pro Assistance baby” geboren. Nadat we zo’n 10 jaar met een kinderloos team werkten, leek de omslag groot toen Mariëlle aankondigde zwanger te zijn. We waren in de gloria en zijn sindsdien tante van nog meer “Pro baby’s” geworden. Ik kan oprecht zeggen: geweldig! Van heel nabij, maar op gepaste afstand maak je alle fases van de start van een leven mee. Zakelijk is er door de interne babyboom weinig veranderd, maar voor een ieder persoonlijk uiteraard wel, waardoor gesprekken een andere inhoud krijgen. Dat maakt me bewust van het belang van een goede start in iemand’s eerste levensjaren en de impact daarvan op de rest van zijn of haar leven. Niet alleen een karakter lijkt bepalend, maar zeker ook de omgeving. Is deze beschermend, veilig en onbezorgd? Of (misschien wat overdreven) wordt de waarheid verdicht, zijn er regelmatig leugentjes “om bestwil”, waardoor teleurstelling en angst ontstaan? Als kind start je met een open blik, heb je een creatieve geest, ben je trots, onbeperkt, eerlijk, actief, energiek, oprecht, krachtig en opmerkzaam. Die oprechtheid waarmee je de wereld instapt brokkelt helaas langzaam af. Sinterklaas blijkt niet te bestaan, resultaatgericht werken/denken start al op heel jonge leeftijd en je eerste liefde blijkt opeens toch ook een ander lief te vinden. Je uitgangswaarden pas je terloops, ter eigen bescherming aan. Eerst alles maar eens zien, en, waarom zou ik die ander zomaar geloven?

Nodeloze lijstjes

Het van kracht worden van de AVG kan niemand ontgaan zijn. Dit is een passend voorbeeld van onderling wantrouwen; het verleggen van aansprakelijkheden en het reguleren van gedrag door wetgeving. Het wantrouwen lijkt de mens (organisaties) te dwingen steeds meer zekerheid te zoeken en zichzelf te beschermen tegen dat wantrouwen. “Barbertje moet hangen”. Eén collega bij ons is hier nu bijna fulltime mee bezig. Het wantrouwen naar elkaar (personen en organisaties) zonder elkaar’s kennis, ervaring, deskundigheid en goede intenties nog te respecteren, baart ons om verschillende redenen (dus niet alleen vanwege de nodeloos uitgebreide en ingewikkelde administraties en verantwoordingslijstjes) serieus zorgen. Met name met het oog op de ontwikkeling van de samenwerking tussen kandidaten en opdrachtgevers.

In het NRC van 25 januari 2019 stond een interview met Gert-Jan Segers, fractievoorzitter van de ChristenUnie waarin een zin mij opviel:  “… Dat ondergraaft de productiviteit van politieke samenwerking. Consequent vanuit wantrouwen over de ander nadenken is buitengewoon onvruchtbaar. Ik zou dat niet willen.” Daar ben ik het zo mee eens. Als je voortdurend vanuit wantrouwen de ander tegemoet moet treden, creëer je samen nooit mooie dingen. En dat is wat er naar mijn mening gebeurt. Zijn we niet drukker om onszelf in te dekken, zekerheid af te dwingen en de eindverantwoordelijkheid bij de ander neer te leggen in plaats van in een volstrekt openhartige geesteshouding de ander tegemoet te treden en iets moois samen te creëren?

Ongekuntsteldheid

Dat wantrouwen is er richting allerlei instanties. Onderwijs, werkgevers, artsen en politiek. Heb je vertrouwen in wat een arts zegt of vraag je een second of zelfs third opinion aan? Zoek je naar zijn ongelijk of onkunde omdat anderen of Google het beter weten? Toch raar als je je er zomaar bij neerlegt? Naïviteit wordt nogal eens verward met dommigheid en toch is het soms juist prettig om vanuit onbevangenheid en ongekunsteldheid een ander tegemoet te treden. Deze week was er aan de tafel van DWDD met De Verleiders weer een passend voorbeeld van hoe je door kunt schieten. Heb je het niet gezien, dan heb je het vast wel ergens gelezen. Ik zag het wel: vijf oudere, boze, blanke mannen die overal complottheorieën in zagen, in een maatschappij waar de overheid enorme invloed had op bijna ieder aspect van het dagelijkse leven. Alsof we beland waren bij onze oosterburen in de jaren 50. Erg ongemakkelijk.

Ik opteer niet voor onnozelheid of een terugkeer naar onze kinderlijke onbezonnenheid, maar wel voor het respecteren van andermans goede intenties en deskundigheid.

 



Reacties via Disqus